Een stadsstatus met een verhaal
Durbuy draagt officieel de titel 'kleinste stadje ter wereld'. Dat klinkt grootsprakerig voor een gemeente van amper 9.000 inwoners, maar de titel is juridisch gegrond: Durbuy werd in 1331 door Jan I van Bohemen tot stad verheven, en heeft die status sindsdien nooit verloren — ook al groeide het nooit uit tot een echte stad.
Het historische centrum telt slechts een paar straten met geplaveide kinderhoofdjes, vakwerkgevels en bloempotten aan de gevels. In het hoogseizoen trekt dat decor massa's toeristen, maar wie vroeg in de ochtend of buiten de zomerpiek afreist, heeft het bijna voor zichzelf. De Ourthe stroomt net naast het centrum en vormt een natuurlijk toneel voor kajakkers, wandelaars en fietsers.
Wat te doen in Durbuy
De wandeling door het centrum is de kern van elk bezoek. De Rue des Récollectines en de Rue du Prévôt zijn de smalste en meest schilderachtige straatjes. Op het Marktplein (Place aux Foires) vind je terrasCafés en in de weekenden dikwijls kleine brocante- of ambachtsmarkten.
Het kasteel van Durbuy — een privékasteel dat niet opengesteld is voor publiek — domineert de skyline vanuit de Ourthe-vallei. Je kunt er van buiten mooie foto's van maken vanop de brug over de Ourthe. Net buiten het centrum liggen de labyrinttuinen van Durbuy, een populaire attractie met zeven verschillende tuinlabyrints van haag en struiken. Leuk voor kinderen, ook voor volwassenen een verrassend avontuur. Toegang in 2026 circa 10 euro.
Kajakken op de Ourthe is misschien wel de populairste activiteit. Meerdere verhuurzaken in Durbuy en de omgeving (onder meer in Barvaux, 5 km verderop) bieden kajak- en kanorecords van 2 tot 20 kilometer op de rustig stromende Ourthe. Vraag een halve dag route aan — je landt dan stroomafwaarts en er is een shuttleservice terug.
Eten en drinken in Durbuy
Durbuy heeft meer restaurants per inwoner dan bijna elk ander Belgisch stadje. Het gamma loopt van eenvoudige brasseries met spaghetti bolognaise en Ardennen-ham tot fraaie restaurantjes met wildmenu's en seizoensmenu's.
Een lokale specialiteit die je nergens anders vindt: de Durbuygâteau, een soort kruimeltaart met noten en honing die bakkers in het centrum verkopen. Combineer die met een lokaal bier in een van de bruine kroegen aan het marktplein.
Weekenden in het zomerseizoen (mei–augustus) zijn extreem druk. Reserveer dan een tafel in een restaurant op voorhand. In de week en buiten het hoogseizoen is het er veel rustiger en aangenamer.
De omgeving van Durbuy
Durbuy is ook een goed vertrekpunt voor fiets- en wandeltochten. De RAVeL-route langs de Ourthe is een vlakke asfalttocht door de valleien, geschikt voor alle fietsniveaus. Je kunt fietsen huren in Durbuy zelf.
Het stadje Barvaux-sur-Ourthe, vijf kilometer in de vallei, heeft een rustiger karakter en goede mogelijkheden voor mountainbiken. En als je toch tot in de omgeving bent, is het slechts 25 kilometer naar Marche-en-Famenne, een iets grotere stad voor wie grotere supermarkten of een apotheek nodig heeft.
Voor meer avontuur in de regio: lees onze gids over mountainbiken in de Ardennen of ontdek de typische Ardennensteak en regionale gerechten.
Praktische informatie: van Spa naar Durbuy
Durbuy ligt op circa 70 kilometer van het circuit van Spa-Francorchamps. Via de N66 en N86 ben je er in een uur. Er is betaald parkeren in het centrum, maar vlak buiten het centrum aan de Ourthe is ook gratis parkeerruimte.
Openbaar vervoer is niet praktisch naar Durbuy. Combineer je bezoek met een overnachting in de omgeving als je geen eigen auto hebt. In het hoogseizoen zijn er soms toeristische bussen vanuit Luik.
Durbuy is het hele jaar open, maar de meeste bezienswaardigheden en terrassen zijn van april tot eind oktober. In de winter is het rustig maar de sfeer in de smalle straatjes blijft bijzonder.